Plakkende ervaringen

LET OP: in juni 2020 geschreven!

Avonden lengen

Nu het bijna 21 juni en het begin van de zomer is, de avonden lengen sprongsgewijs voor mijn gevoel, heb ik behoefte aan lange zomeravonden buiten met een kaarsje en een drankje. De realiteit is dat ik al vroeg in bed lig te mijmeren. Noodzakelijk kwaad.

Maar waar komt die behoefte vandaan? Wat maakt dat ik net als met de kerstsneeuw dat altijd voor me zie? Dat zonder meer verwacht? In juni zijn de avonden, hoewel lang, zelden zo zwoel dat je lang buiten kunt zitten zonder vestje of zelfs een jas. Of überhaupt denkt aan buiten zitten doordat het fris is. Om niet te zeggen kil.

Na 21 juni begint de deceptie alweer van minder licht. Oef dat duurt nog wel even, maar we gaan dan weer richting duisternis en kerst. Het klopt niet voor mijn gevoel. De langste dag zou pas in augustus plaats moeten vinden. Dan kan het hoogzomer zijn!

Avondzon

Mijn innerlijke klok loopt altijd achter bij de ervaringen. Ik sta versteld dat het nu na 22 uur nog flink licht is en soms de zon nog aan de horizon schijnt. Weliswaar een avondzon, maar toch…

Ergens in mijn jongvolwassenheid zijn er volgens mij wel dat soort ideale lange zomeravonden geweest. Buiten in ons dorpje met het hele gezin in de tuin eten en dan gelijk de hele avond lang blijven zitten. Koelte zoekend in een voetenteiltje met zout water, om de zee na te bootsen in mijn plakkende kleren. En ja eer mijn moeder toegaf aan ons kinderen dat we buiten wilden eten moest het wel extreem warm zijn.

Later zelf teruggekeerd in het Amsterdamse drie hoog achter, liep ik in bikini bij warm weer. Binnen wel te verstaan… Mijn hoofd zit echter bij tuin en laagbouw. Mijn ideaal nog altijd. En gelukkig heb ik dat ook kunnen realiseren. In het Leidse.

Plakkende ervaringen

Oh ja de campingvakanties. Daar was het in Portugal raak. Lange warme zomeravonden met een kaarsje en drankje voor de tent. Eindeloos rekkend voor we op het matje gingen liggen slapen. De zwoele zomergeuren. Allang niet meer met ons gezin, die niet hielden van kamperen, maar met mijn ex en jongste zusje. Wat een belevenis die vakantie. De plakkracht van het buitengebeuren.

Vandaar die verwachtingen. Met die plakkende ervaringen…

Muziekpijn

LET OP: Mei 2020 geschreven

Nu 9 maanden na mijn operatie heb ik nog bar weinig muziek geluisterd. Een echt gemis. De Corona-crisis heeft er nog eens extra bij me ingehakt en ik ben zeer bevattelijk voor prikkels. Ook televisie kijk ik weinig. Eega gedoemd achter zijn laptop met zijn oortjes in. Maar daar is hij nu helemaal aan gewend.

Voor die tijd wilde ik nog weleens – vaak eigenlijk – een half uurtje achter de computer boven in de werkkamer mijn favo muziek beluisteren. Hard. Een lijstje songs dat al jaren bijna hetzelfde blijft. De herhaling zo geruststellend.

Muziek

Gisteravond kwam het er eindelijk weer van: muziek luisteren. Zomaar plotsklaps had ik daar behoefte aan. Na 9 maanden. Het lijkt wel een zwangerschap en een hergeboorte. Van het ene lied na het andere. In mijn gealfabetiseerde lijstje heb ik een behoorlijke opbouw en de song moet bij mijn stemming van dat moment passen. Een feest der herkenning. Eindelijk weer in mijn gewone doen…

Het werd later en later. Eega stond boven komend verrast mee te karaoken op de voor hem ook overbekende liederen. Altijd weer verrassend die eega. In het verleden die songs heel wat keren gedraaid. Dat half uurtje voor het slapen gaan was altijd heilig.

Muziekpijn

Overmoedig en vol herkenning van betere tijden en nostalgie en toch weer sprankelend nieuw werd het nog later. Voorbij mijn normale slaaptijd.

Helaas toch weer te veel prikkels want ik kon de slaap niet vatten. Maar mijn nostalgie had ik binnen. Met als hoogtepunt Everybody Hurts van R.E.M. Gedeelde muziekpijn is halve pijn? Zo verbindend in ons menszijn…

Kerstkind

LET OP: April 2020 geschreven [Nu in de huidige bloedhitte, verfrissende sneeuw…]

We schrijven halverwege de 60-er jaren. Als gezin waren we net een jaar of twee verhuisd van Amsterdam naar de Achterhoek. Een hele grote omslag en omwenteling in ons dagelijks leven. Van 1-hoog op een flat, met de drukte van beneden-, zij- en bovenburen, naar een benedenhuis met echte eigen tuin. Je mocht hier zomaar in- en uitlopen door de achterdeur tijdens het buitenspelen als kind. Dat was vrijheid. Ik denk dat ik 11 was zo ongeveer. Hadden de Beatles al hun intree in míjn leven gemaakt? Of was dat de zomer erop volgend?

Ik neem je mee naar een magisch moment: Het werd kerst. Als gezin gingen we naar de nachtmis. Spannend voor het tweede jaar naar de kerk met de kerst. Ma bleef achter met de baby in huis om de broodtafel voor na de kerkgang voor te bereiden. Want ja je moest nuchter naar de kerk. Dat viel niet mee. Ze zou weer mooie krullen maken in de echte roomboter en de tafel heel mooi versieren, met kaarsen, broodjes, beleg en kerstservetjes. Met heel uitzonderlijk voor ons: de gordijnen open om ons straks warm welkom te heten. Met prominent de kerststal en grote kleurrijke kerstboom.

Nachtmis

De nachtmis was niet helemaal te volgen als kind, maar de gedragen vrolijke sfeer heel bijzonder. De levensgrote kerststal met het net geboren kerstkindje ontroerend. De knielplankjes koud en hard ondanks het kussentje dat je hiervoor mocht gebruiken. En van de bank kreeg je ook houten billen. Ik deed altijd mijn best af te zien. Knielend rustte ik knokig alleen op mijn knieën met mijn voeten in de lucht. Maar de honger, oh nee trek, zei mijn vader altijd, eiste ook zijn tol. Jullie kinderen kennen geen honger. Hij had de oorlog meegemaakt als jongere. Iets waar hij regelmatig over vertelde aan tafel, na heftig doch tactisch aandringen.

Terug naar de nachtmis. Het was een lange anderhalf uur, waarin ik mijn best deed op mijn manier de Latijnse gezangen mee te zingen. Daar hield ik van. Die mooie woorden. Vanuit mijn gebedenboekje kon ik meezingen. Geen idee wat ze betekenden. Dat ze plechtig waren begreep en voelde ik wel. Uiteindelijk… klonk de laatste bel en konden we naar buiten. Pa groette velen en die verbondenheid hadden we zelden in Amsterdam meegemaakt. Hij was er op zijn gemak. In de oorlog had hij hier ook tijdelijk gewoond.

Kerstkind

Door de hoge kleurrijke glas-in-lood-boogramen was alleen de nacht te zien! Dat had ik al wel beschouwd. Langzaam liep de kerk leeg. Waar we de verrassing van de eeuw meemaakten: het had gesneeuwd! Dikke pakken. Hoe magisch, hoe bijzonder om met zijn allen als gezin door de wonderschone witte wereld te waden! Je eigen voetstappen vers als was alles nieuw. Krakende sneeuw in de kerstnacht! Met dikke vlokken waaiend uit de wolken. Dit moest wel een teken zijn dat we hier in de Achterhoek goed waren terecht gekomen! In deze kerstnacht voelde ik me een met de natuur. Een met alles en iedereen. Een met dit vredige dorpje. Altijd weer verlangend naar een witte kerst.

Óp naar het nachtmaal in de warme versierde huiskamer! Óp naar onze eigen jongste baby! Voor nu even ons eigen levende kerstkind.

Dierbaar

LET OP: April 2020 geschreven

DierbaarNa het overlijden van mijn laatste ouder, stonden we als kinderen voor de zware klus mijn moeders huis leeg te halen. Ik ben de oudste, dus helaas niemand boven me, wat als dubbel wees voelde. Maar gelukkig regelden we het samen als kinderen en partners, die bereklus.

En toen werden de volle, verdeelde dozen hier op zolder gezet. Mijn ‘buit’. Jaren en jaren. Verstoft en weer verzet bij een ‘opruimbeurt’. Ik kon er niet toe komen de inhoud te bekijken. En tja op onze zolder stonden die dozen niet in de weg.

Opruimen

Op een onbestemde zondag hadden eega en ik de euvele moed gevat om de nostalgie te ondergaan. De confrontatie, toch wel met mijn kindertijd en dat wat ik miste. Op weg naar zolder. En te zien wat ik er nog van overhad. De eerste schatkist, oftewel verhuisdoos, ging open. Dierbare herinneringen kwamen voorbij. De bestofte dozen gingen open. De zuinig bewaarde spullen van mijn ouders en mij als kind. Een bergje nog verder uit te zoeken, een bergje weggooien (cacaopoeder ouder dan tien jaar durfde ik echt niet te gebruiken), en een bergje weggeven.

Vriendin houdt regelmatig Brocante dus was de bestemming voor weggeven fluks bedacht. Zo ook het vastentrommeltje. Groen met een voorstelling van langgejurkte vrouwen uit vervlogen tijden. Ze hadden net geen zonneparasolletje maar die bedacht ik er wel bij. Met op de achtergrond een statig prieel en mooi vaag sprookjeskasteel. Dekseltje open, dekseltje dicht. Nogmaals bevoelen en betasten. Hoe koel dat blik.

Vastentijd

Terugdenkend aan de strenge tijden van weleer. Waarin wij als kinderen in de vastentijd tot Pasen niet mochten snoepen. Van dat snoepen ervoor en erna moet je je ook niet veel voorstellen, want het was überhaupt een zuinige tijd in de 50-tiger en 60-tiger jaren. Dus in die vier weken vasten kwam het kleine trommeltje net aan vol. Elk kind een eigen trommel.

Regelmatig verlekkerden wij ons aan ons trommeltje. Waar zo af en toe weer een lolly, toffee of dropveter aan werd toegevoegd. Ware het een echt schatkistje. En denk maar niet dat we alles met Pasen in één keer mochten opeten… Ook dat was aan regels gebonden. Maar het trommeltje had zoete aantrekkingskracht.

Wikkend en wegend stond ik daar op die zolder. Terugdenkend aan weleer. Mijn kindertijd, waaraan ik weinig terugdacht. En ook vaak met gemengde gevoelens. De knoop werd moeizaam doorgehakt: dit ging naar vriendin Brocante. Daar zou iemand het vast nog wel kopen en waarderen. Het groene, zoete geheim. Besluit genomen.

Dierbaar

Maanden later liep ik te snuffelen op vriendin’s Brocante. Een mengeling van oud en nog ouder of zelfs bijna antiek. Ogen te kort. Tot mijn blik viel op iets wat mijn aandacht vasthield: was dat mijn groene, dierbare vastentrommeltje tussen andere trommeltjes… Ongelovig drong het tot mij door, dit trommeltje kon maar voor één iemand bestemd zijn: mijzelf. Deksel open, deksel dicht, ja het was echt de mijne. Ik gunde het niemand anders meer.

Het zachte prijsje van € 2,50 werd snel betaald. En een mooi ereplaatsje op mijn salontafel was snel gevonden. Zo ontstellend eigen – dromen omvattend – en ook nog eens als klap op de vuurpijl, weken later, aanleiding voor een vriend dit te herkennen uit zijn moeders huisraad. Hij herkende precies hetzelfde trommeltje! Dit was mijn onschatbaar geliefde, eigen mooie dierbare herinnering van wie ik eens was. Als kind! Een verlangend kind. Een dierbaar kind.

Klungelen

NB. LET OP: geschreven in Februari 2020! 

Weer zo’n dag. Na weken storm en regen nu een zonnetje, maar straks weer regen. Ik doe heel veel, maar ben aan het klungelen en echt iets tastbaars komt niet uit mijn handen. Oftewel niet uit mijn handen, maar ook niet uit mijn geest.

Weinig afspraken vandaag dus alle tijd voor achterstalligs en eindelijk de kop eraf van mijn nieuwe columns. Na anderhalf jaar niet meer in mijn vingers. Ik bel wat, regel een en ander voor anderen, maar pfoe hé nu pas eindelijk schrijven. Dat wordt klungelen, ik voel het aan mijn vaarwater…

Er is veel gebeurd in die anderhalf jaar. Sinds mijn laatste column. Zeker qua gezondheid. Nu 2/3de rechterlong minder – vanwege kleine tumoren – en een hell-jaar achter de rug. 2019 hebben eega en ik dan ook met een grote rotschop om 0:00 uur met Oud en Nieuw weggetrapt. En we zijn niet eens omgevallen. Nippend aan de heerlijke Spa Groen in champglazen. Mijn favosmaak nu, met citroen. En feestelijke bubbels.

Op de achtergrond de eerste vuurwerkknallen. Wat inmiddels mogelijk laakbaar wordt. Om je voor te schamen. Want tja de tegenstanders komen in de meerderheid. Gezien het aantal slachtoffers en zeker voor de dieren.

Maar zelf ben ik gek op het uitknallen van het jaar. De geesten die daarmee verdreven worden. Al die kleuren. Die steeds fluks veranderen. Ik kwam ogen en oren te kort. De geur is nu wat minder waardoor ik het niet waagde dit jaar buiten te komen.

Oud en Nieuw: alweer enige tijd achter ons. Nu met het aantrekken van het licht opgewekter de dag door. Met de opwaartse stappen richting beteren. Tergend langzaam, dat wel. Maar hoopvol.

Met deze nieuwe schrijfstart vanzelf terugdenkend aan Oud en Nieuw. Want nieuw is het. Dit hernieuwde schrijven. Mijn hernieuwde leven. Mijn nieuwe ogen als het ware.

Jee al met al toch gelukt deze column, al mijmerend! Klungelen… of niet?