Klungelen

NB. LET OP: geschreven in Februari 2020! 

Weer zo’n dag. Na weken storm en regen nu een zonnetje, maar straks weer regen. Ik doe heel veel, maar ben aan het klungelen en echt iets tastbaars komt niet uit mijn handen. Oftewel niet uit mijn handen, maar ook niet uit mijn geest.

Weinig afspraken vandaag dus alle tijd voor achterstalligs en eindelijk de kop eraf van mijn nieuwe columns. Na anderhalf jaar niet meer in mijn vingers. Ik bel wat, regel een en ander voor anderen, maar pfoe hé nu pas eindelijk schrijven. Dat wordt klungelen, ik voel het aan mijn vaarwater…

Er is veel gebeurd in die anderhalf jaar. Sinds mijn laatste column. Zeker qua gezondheid. Nu 2/3de rechterlong minder – vanwege kleine tumoren – en een hell-jaar achter de rug. 2019 hebben eega en ik dan ook met een grote rotschop om 0:00 uur met Oud en Nieuw weggetrapt. En we zijn niet eens omgevallen. Nippend aan de heerlijke Spa Groen in champglazen. Mijn favosmaak nu, met citroen. En feestelijke bubbels.

Op de achtergrond de eerste vuurwerkknallen. Wat inmiddels mogelijk laakbaar wordt. Om je voor te schamen. Want tja de tegenstanders komen in de meerderheid. Gezien het aantal slachtoffers en zeker voor de dieren.

Maar zelf ben ik gek op het uitknallen van het jaar. De geesten die daarmee verdreven worden. Al die kleuren. Die steeds fluks veranderen. Ik kwam ogen en oren te kort. De geur is nu wat minder waardoor ik het niet waagde dit jaar buiten te komen.

Oud en Nieuw: alweer enige tijd achter ons. Nu met het aantrekken van het licht opgewekter de dag door. Met de opwaartse stappen richting beteren. Tergend langzaam, dat wel. Maar hoopvol.

Met deze nieuwe schrijfstart vanzelf terugdenkend aan Oud en Nieuw. Want nieuw is het. Dit hernieuwde schrijven. Mijn hernieuwde leven. Mijn nieuwe ogen als het ware.

Jee al met al toch gelukt deze column, al mijmerend! Klungelen… of niet?

Integer

Laatst kwam een bekende tot twee keer toe met haar collectebus aan de deur: de eerste keer was mislukt, maar had ik toch opgemerkt. Integer! Volhardend. Zelf hou ik met een collectebus in de hand, geen lijstje bij. En vind één keer langsgaan genoeg. Maar: petje af voor hen die het nog zo serieus nemen.

Integer, fietsen door mazen, sport, gewetenIk ken iemand, die zijn integriteitsgevoelige baan, zó serieus neemt dat hij nooit, maar dan ook nooit een zijsprongetje maakt. Zijn collega’s wel, maar dat terzijde. Er zijn nuances, vijftig tinten grijs misschien wel. De scheidslijn is dun en tussen mazen doorfietsen vereist behendigheid. Maar kan ook een sport zijn.

De lijnen rond waar mijn geweten zich vroeger begaven, waren strikt en vastomlijnd. Te strikt en te vastomlijnd. Op een gegeven moment kon ik niet meer ademen. Benauwend. Perfectionisme tot aan het toppunt en ver daarboven. “Wij reiken de lat aan, de hoogte bepaal jij”. Bekende commercial van een instituut in thuisstuderen. En ergerlijk! Inzoomend op een lat naast de man, met blauwe wolkenluchten. The sky is the limit veronderstellend.

Al tegen mijn burnout aanlopend meenden mensen in mijn omgeving me nog verder te moeten pushen. “Je kan meer”.  En dat geloofde ik. Mijn eigen onrustgevoelens wegduwend. En nog maar weer eens een stapje harder en beter. De Wet van Murphy richting afgrond belopend. Tot er angsten kwamen die niet meer te negeren waren. Die zichtbaar werden. En een uitlaatklep had ik amper.

Wist ik veel dat het benoemen van die gevoelens zo kan helpen! Door schade en schande wijs geworden. Op de harde manier. De manier des levens. Via de ontkennende manier naar de erkennende manier. De erkenning dat je ook maar mens bent. Met je zwakheid en je kracht. Me stap voor stap ontworstelend aan ketens die niet klopten. En ook mijn geweten werd soepeler. The sky is the limit? Nee hoor aarden is noodzaak. De lat staat ook op de grond. Waar je voeling mee moet houden. En zonder stutten en steunen, plek waar je kunt ‘spelen’, jezelf kan zijn, kan die lat echt niet geplaatst worden.

Ik heb de mazen van mijn geweten grondig verkend. Elastiekjes ingebouwd op de plek van te benauwende kabels. Met mijn neus op de feiten dat mijn leven niet maakbaar is, maar wel bestuurbaar. En op een integere manier een sport gemaakt van de mazen. En de rustplaatsen.

Verpapt

Mijn hersens zijn verweekt, verpapt. De hitte overal toegeslagen en ondanks frissere weerberichten, iets met onweer en regen, slaat een enkel buitje toe en daarna weer dat hoge kwik. Ik krijg er genoeg van en met mij hoor ik anderen verzuchten dat ze uitkijken naar kerst.

VerpaptVandaag kun je dan ook niks zinnigs van me verwachten, verpapt is verpapt. En of het ooit nog goed komt weet ik niet. De boel is gesmolten en heeft behoefte aan wat diepvriesijs. Vaste substantie. Of is dat weer te ongenuanceerd en te zwart-wit? OK ik doe een knieval: koelkastfrisheid is ook prima.

Zucht, steun, achteruithollende conditie, vastgeplakt aan de bank. En ’s avonds tot leven komen als de temp ietsjes zakt. Totale vreemden bekijken me meewarig en spreken me aan door mijn tranende voorhoofd. Lief dat ze meeleven, maar iets minder zichtbare druppels zou me lief zijn. Dien me steeds te verantwoorden.

Inmiddels weet ik welke winkels airco hebben en daar vertoef ik graag en langer dan gepland. Meelevend met de meisjes van de bakker, bij wie airco geen zin heeft met steeds iets in de oven dienen te schuiven.

Zelfs in deze ‘tranentrekkende’ hitte dien ik beducht te zijn voor tocht. Longontsteking kan ook dan zo maar op de loer liggen. En zoals een tijdje geleden: kan zo maar 14 weken duren eer de boel weer op orde is. Ook poes Mara  kan beter niet in de tocht liggen, het gevolg is een sterk tranend oogje. Waarbij ze geen poetsbeurten veelt.

Sinds kort weet ik ook dat warmte de longinhoud behoorlijk doet verslechteren. Logisch natuurlijk met minder zuurstof in de lucht. Maar echt nooit bij stil gestaan. Wat maar weer bewijst dat kennis naar je toe komt als je eraan toe bent dit te ontvangen. Hoe selectief je kennisspier wil groeien. Je ontwikkel- of groeispier. Je ontplooiingsspier zo je wilt.

Je ziet en leest het: mijn hersens zijn nu onzinnig verpapt.

Spijt

We kennen het gevoel allemaal: spijt. En nog een tandje verder: schuldgevoelens. Vooral na een dierbaar en onverwacht verlies, of te verwachten verlies, kunnen deze gevoelens als uit het niets opduiken. Toch zit er wetmatigheid achter.

SchuldgevoelEmotionele wetmatigheid is dat verdriet, de voorloper van spijt, er altijd uitmoet. Nee inderdaad niet elk verdrietje en elk teleurstellinkje. Maar de grote verdrieten, zeg maar. Die er inhakken in een mensenleven. En bij de één heftiger dan bij de ander. Je moet er iets mee. Geef het vorm, zodat het een plekje kan krijgen.

Je lichaam liegt niet en elke vorm van verdriet die onderdrukt wordt, wordt opgeslagen in je lichaam. Het is net waar je kwetsbare plek ligt, hoe het eruit komt. Bij mij het afgelopen half jaar op plekken met ziektes die me niet vertrouwd zijn. Waar ik opstandig van werd. En best wel wanhopig zo af en toe. Hoezeer ik ook probeerde rust te nemen en aandacht aan te schenken. Op een gegeven moment wordt rust somberte, dip of zelfs depressie.

Waar ik mee stoei is of elke vastgezette emotie tot een kwaal, ziekte of klacht leidt. Of andersom of elk lichamelijk falen tot een niet-verwerkte emotie te herleiden is. Op een gegeven moment hoor je toch ieder van boven de 50 over pijnen en pijntjes. De bomen groeien niet tot in de hemel en een zekere leeftijd brengt kwaaltjes met zich mee. Hoezeer je ook je best doet, je geestelijk en emotioneel welzijn zuiver te houden.

Maar ik had het over spijt en schuldgevoelens. De wetmatigheid ervan. De beroemde Elisabeth Kübler-Ross ontdekte in de 70-er jaren in haar “Lessen voor levenden, gesprekken met stervenden”, wel degelijk fases in rouw. Nou dien je die fases niet te zien als begrensd van de één naar de ander. Klaar met ontkenning (1) gaat niet automatisch over in (2) marchanderen, woede (3), verdriet en depressie (4) en het summum: (5) aanvaarding. Je karakter speelt een groot woordje mee. Het is niet lineair. En verlies trekt vaak eerder verlies aan. Spijt en schuldgevoelens die bij 4 kunnen horen kunnen zeer hardnekkig zijn. Maar probeer op een rustig moment deze gevoelens op zijn waarheidsgehalte te betrappen. Is je handelen met de kennis die je toen had, niet logisch geweest? En zou je met de kennis die je nu hebt heel anders handelen? Zouden we het dan niet kunnen zien als leerproces? Mag je jezelf dan vergeven?

Energie

Wat is energie toch een apart goedje. Als je er tekort aan hebt, merk je het pas goed, dat je iets mist. Normaal gesproken, in je dagelijkse goede doen, heb je amper in de gaten, dat je er genoeg van hebt. Althans zo gaat het bij mij. Moe, ziek, zwak en misselijk hunker je weer naar gezonde, goede, rustige dagen.

EnergieGedachten zijn krachten, en zijn ook energie. Nou ben ik er na veel gepeins nog niet achter of dit goed of slecht is. Maar ik weet wel dat eenmaal in een negatieve spiraal, dus negatieve gedachten, dit extra leed kan aantrekken. Wat je denkt ben je zelf. Heb ik weleens gelezen. En alles wat je aandacht geeft groeit.

Gelukkig weer lekker opgeknapt, hoorde ik van de week de vlindertheorie. Ken je die? Ik vind hem erg mooi. Als een vlinder hier met zijn vleugels trilt, kan dat aan de andere kant van de wereld een orkaan veroorzaken. En zo weet je nooit welke rimpelingen in het water veroorzaakt worden, door jouw steentje erin te gooien. Ook al zo’n prachtige gedachte.

Met andere woorden: blijf geloven in jezelf, in je gedachten, je energie, datgene waar jij mee bezig bent en aandacht schenkt, dat dit echt verschil kan maken. Een korte december-overpeinzing deze keer. Beklijft misschien beter?