Taaltoveren

Met woorden kun je spelen en soms zelfs toveren, zoals een lezer me ooit meldde. Een groot compliment! Toveren, betoveren… Oftewel zoals Hugo Claus schreef, hier ooit al gememoreerd: ‘Woorden zijn de kleren van de gedachte’.  Mooi verwoord en zo heerlijk om te doen. Met woorden kun je spelen. En voor wie ervoor openstaat: betoveren. Taaltoveren.

Taaltoveren, pleonasmeProef je woorden, voel de associaties opborrelen en geniet ervan! Vooral in gedichten wordt hier vaak (taal)kunstig mee gewerkt. Maar ook in verhalen niet te versmaden. Het gaat erom bij de lezer iets op te wekken. Of dat nu plastische ervaringen zijn, die bij hem opborrelen of juist hoger gestemde vibraties, óf en dat komt minder voor, de ware bedoeling van de schrijver.

Taaltoveren

Zo stuitte ik onlangs op een blogger die mijn zinnen streelde met zijn taaltoveren. En deze blog wil ik je als lezer niet onthouden. Marc Kerkhofs met een wel bijzonder humorvolle uitweiding over pleonasme in de Nieuwsbrief van Godijn Publishing. Pleonasme de stijlfiguur die dubbelop beschrijft en meestal overbodig, maar juist leuk kan werken.

Pleonasme volgens Marc

Het pleonasme wordt soms verward met een tautologie. Die laatste stijlfiguur verdient een eigen hoofdstukje, dus daarover een volgende keer meer. Laat ik volstaan met te zeggen dat een tautologie letterlijk hetzelfde woord betekent (wis en waarachtig, gratis en voor niets), terwijl een pleonasme , dat in feite overvloed betekent, een inherente en dus overbodige eigenschap beschrijft  van het erbij behorende hoofdwoord.

Bekende voorbeelden zijn:

–          Witte sneeuw

–          Een ronde bal

–          Slimme Vlaming

–          Zout zeewater

–          Groen gras

TaaltoverenDe oplettende lezer heeft in bovenstaande opsomming vast wel een ongerijmdheid opgemerkt. Inderdaad: gras kan ook soms geel zijn…

Sommige pleonasmen zijn minder als dusdanig te herkennen, wegens vreemde taalinvloeden, onbegrepen afkortingen en ander taai spul.

–          Een koikarper: koi betekent in het Japans  ‘karper’; eigenlijk zeg je karperkarper

–          Het meer van Loch Ness: een ‘loch’ is al een meer

–          Een beleefde Vlaming

–          LCD display: Liquid Crystal Display; de laatste display is er eentje teveel

–          T.a.v. van Buren

De oplettende lezer heeft wederom een moedwillig foutje opgemerkt. Ja hoor, als de persoon in het laatste voorbeeld ‘van Buren’ heet, dan klopt ter attentie van van Buren wel degelijk… goed zo.

En wat te denken van onderstaande opsomming:

–          Een verwante zusterpartij

–          Binnenlandse burgeroorlog

–          Langzaam kuieren

–          Overtollige ballast

–          Een twijfelende Vlaming

–          Een jong kind

Voor de laatste keer: iets opgevallen? Een twijfelende Vlaming, natuurlijk. Of wacht… misschien toch niet? Welja, daar moet ik even over… of nee, eigenlijk…

Meer weten over de Vlaamse Marc Kerkhofs? *Klik*

En nou ben ik meer dan benieuwd naar de graag verorberde welkome reacties… Maar of dat een pleonasme of taaltoveren is?

Wapenfeit

Vergeet ik toch helemaal een mooi wapenfeit te melden: een maand of twee geleden kreeg ik uit het niets een hele korte mail dat een blog van mij was uitgekozen tot Blog van de Week! Deze mail was zo ultrakort dat daar wel een erg gehaaste redacteur achter moest zitten.

Blog van de Week, wapenfeit, lekkere schrijftipsEn al twijfelde ik aan de echtheid en waarheid van de mail: met wat heen en weer schrijven bleek ik mijn blog van vorig jaar met schrijftips aan Schrijvenonline te hebben aangeboden. Mijn grijze hersencellen hadden dat helaas niet opgeslagen. Maar langzaam ging het me dagen, dat dit toch echt waar was.

Een verhaal van mij in het boek ‘25 Obsessies’ en nu alweer extra reuring? Het kon niet op. Het bleek te gaan om ‘Geen vies advies’ met tien schrijftips voor de beginnende blogger. En ja donderdag 16 juni kwam dit wapenfeit bij ze online. Met als extra op dinsdag 21 juni nog in hun Nieuwsbrief. De statistieken vlogen omhoog.

Echt helemaal netjes ging het wapenfeit niet. Het was dat ik al rondom die tijd – toeval bestaat niet – een blog had gelezen hoe groot de tijdsdruk is van webredacteuren en hoe snel ze moeten werken, dat ik maar niet al te moeilijk heb gedaan. De subtiele nuance van mijn vergelijking van schrijven met eten, kwam niet echt door. De redacteur had van ‘Geen vies advies’ gemaakt: ‘Niet vies van advies’.

Ook bleek nog dat, zonder mij ervan in kennis te hebben gesteld, er geredigeerd was. Inclusief een typefoutje. Dat mij zwaar werd aangerekend door het lezerspubliek. De vergelijking van zuur had ik dus, voedsel en eten indachtig, snel gemaakt. Dat kwam in mijn online reactie. Ook zal ik eens een lesje komma’s plaatsen moeten nemen. Mmm komt goed. Gelukkig kwamen er excuses en verbetering.

Daarna kwam er een leuke reactie binnen. Een beginnende blogger, uiteindelijk de doelgroep, die het  behapbare en lekkere adviezen vond. Die er wat mee kon. *Klik* om met eigen ogen je schrijfdiner te zien. De schrijftips die je hopelijk gaan inspireren. Zo is dit wapenfeit van Blog van de Week mogelijk ook smakelijk voor jou!

Niet vies advies

Als blogger die alweer wat jaartjes meedraait, ben ik niet vies van advies. Advies krijgen en advies geven. Een enkele keer komt er een blogger voorbij, die advies aan mij vraagt. En in tegenstelling tot bloggers in hun ivoren toren, ben ik altijd bereid antwoord te geven op zo’n vraag. Een mooie manier om te kijken of ik wel adviezen voor ze héb, die aanslaan! En toch zeker het ultieme compliment dat mijn schrijfstijl aanslaat bij ze.

Blogtips, advies, 10 tips, uitsmijterDaarnaast heb ik de ambitie en inborst van een docent, dus kennis doorgeven is mijn ding. Om het maar populair te zeggen. Gericht op groei van mijn medemens. En van mijzelf, want de trainer leert nou eenmaal het meest van zijn eigen training. En donderdag mag ik dan ook weer een workshop voor zakelijke Nieuwsbrieven schrijven: Tekst met een Twist geven. Spannend en vervullend. Benieuwd wat de cursisten doen met mijn Twist’s in hun Tekst.

Komen ze voor jou als (beginnende) blogger:

  1. Schrijf vanuit je eigen belevingswereld en gebruik ook veel ‘ik’ in plaats van het afstandelijke ‘je’.
  2. Geef de lezer de kans je zijdelings te leren kennen. Zich met je kan identificeren als het ware. Put uit je gevoelens die je kunt beschrijven. Voel wat er te voelen valt bij een gebeurtenis en vertrouw dit toe aan het papier.
  3. Als de lezer zich met je kan identificeren, ontvouwt zich een doelgroep, als je daar nog geen idee van hebt. Met trouwe lezers als het goed is.
  4. Heb oog voor details en beschrijf die minutieus, zodat de lezer als het ware kan proeven, voelen, ruiken, zien en horen wat jij meemaakt. Zelf deel ik graag inzichten die ik heb opgedoken.
  5. Blunders of missers maken een mens helemaal echt. Geen perfectiestreven.
  6. Gebruik eens onverwachte, speelse bijvoeglijke naamwoorden. Associeer er lustig op los bij een geschreven zelfstandig naamwoord. Laat je fantasie zijn werk doen.
  7. Geheimen mogen altijd geheimen blijven, maar deel geheimpjes, of geheimen zover als behapbaar is voor jezelf. Jij bepaalt hoe kwetsbaar je je wilt opstellen. Voel de grens hierin. Al voelt elke openheid in het begin als eng.
  8. Herhaal een belangrijk gegeven met steeds andere woorden. Achter elkaar, staccato als het ware.
  9. Bedenk goed wat het punt is dat je wilt beschrijven en belicht daar zoveel mogelijk kanten en gevoelens van. Dagboek schrijven is wat anders dan columns schrijven. Hoewel niets mis met een dagboek.
  10. Werk naar de uitsmijter toe, het liefst met humor en een knipoog. Een uitsmijter met kaas en tomaat dus. Zout en peper vanzelfsprekend.

En tenslotte: er zijn zoveel stijlen als er bloggers zijn. Lees en schrijf smakelijk. Dan is dit geen vies advies!

Lerend doceren

Van de week heb ik weer eens gedoceerd. Lerend gedoceerd. Een workshop nieuwsbrief tekstschrijven oftewel zoals ik het heb gedoopt: ‘Tekst met een Twist’. Opnieuw een ferme stap in het grote spel dat spelen met taal is. Niet meer alleen achter de comp, maar pogen anderen ervoor warm te maken.

lerend doceren, bijvoegelijke naamwoorden, creabea, taalWarm maken om de creabea-stand aan te zetten in je brein en vrijelijk te associëren, proeven, ruiken, voelen. Wat is er meer aansprekelijk in de taal, dan wanneer je als lezer met de woorden mag meeproeven en er beelden komen in je gedachten?

Zo kwamen we er samen op dat een kookworkshop die gehouden zou worden in een verslag, veel lekkerder klinkt – met nota bene een alliteratie –  kruidige kookworkshop. Ik zag de potjes met kruiden al voor me en rook heerlijke geuren.

De tekst van een van de cursisten, ik hou van tuinieren, hebben we opgeleukt met: aan mijn planten in de tuin zie je mijn groene vingers. En met de oproep mee te doen aan een vakantieactiviteit voor kinderen hebben we ridder vervangen door koene ridder en prinses door schattige prinses. Zie je ze al voor je? Die zwaarddragende ridder, stoer op weg naar zijn droom. En dat lieftallige prinsesje, gereed om bevrijd te worden.

lerend doceren, taal bijvoeglijke naamwoorden, creabeaEr valt zoveel te doen met bijvoeglijke naamwoorden. Probeer het maar eens! Het liefst vrij associërend op het zelfstandig naamwoord. Of ook met bijzinnen en tussenzinnen. Herhalingen. Hele verhalen kun je oproepen met een paar prachtige, krachtige woorden. Woorden die de zinnen strelen, smaak, geur, beleving oproepen. Want dat doen prachtige, krachtige woorden. Als je taalgevoelig bent.

Het was een zo open en warme workshop dat de cursisten elkaar tips gingen geven. Regels en zinnen om te gooien. De plek van een regel naar het einde verplaatsen. En het wild zit er bij mij nu zo in, dat ik over een maandje weer een workshop ga geven. Dezelfde.

En wie heeft het meest geleerd van de workshop? Juist: de docent! Naast de cursisten. Lerend gedoseerd doceren…