Dierbaar

LET OP: April 2020 geschreven

DierbaarNa het overlijden van mijn laatste ouder, stonden we als kinderen voor de zware klus mijn moeders huis leeg te halen. Ik ben de oudste, dus helaas niemand boven me, wat als dubbel wees voelde. Maar gelukkig regelden we het samen als kinderen en partners, die bereklus.

En toen werden de volle, verdeelde dozen hier op zolder gezet. Mijn ‘buit’. Jaren en jaren. Verstoft en weer verzet bij een ‘opruimbeurt’. Ik kon er niet toe komen de inhoud te bekijken. En tja op onze zolder stonden die dozen niet in de weg.

Opruimen

Op een onbestemde zondag hadden eega en ik de euvele moed gevat om de nostalgie te ondergaan. De confrontatie, toch wel met mijn kindertijd en dat wat ik miste. Op weg naar zolder. En te zien wat ik er nog van overhad. De eerste schatkist, oftewel verhuisdoos, ging open. Dierbare herinneringen kwamen voorbij. De bestofte dozen gingen open. De zuinig bewaarde spullen van mijn ouders en mij als kind. Een bergje nog verder uit te zoeken, een bergje weggooien (cacaopoeder ouder dan tien jaar durfde ik echt niet te gebruiken), en een bergje weggeven.

Vriendin houdt regelmatig Brocante dus was de bestemming voor weggeven fluks bedacht. Zo ook het vastentrommeltje. Groen met een voorstelling van langgejurkte vrouwen uit vervlogen tijden. Ze hadden net geen zonneparasolletje maar die bedacht ik er wel bij. Met op de achtergrond een statig prieel en mooi vaag sprookjeskasteel. Dekseltje open, dekseltje dicht. Nogmaals bevoelen en betasten. Hoe koel dat blik.

Vastentijd

Terugdenkend aan de strenge tijden van weleer. Waarin wij als kinderen in de vastentijd tot Pasen niet mochten snoepen. Van dat snoepen ervoor en erna moet je je ook niet veel voorstellen, want het was überhaupt een zuinige tijd in de 50-tiger en 60-tiger jaren. Dus in die vier weken vasten kwam het kleine trommeltje net aan vol. Elk kind een eigen trommel.

Regelmatig verlekkerden wij ons aan ons trommeltje. Waar zo af en toe weer een lolly, toffee of dropveter aan werd toegevoegd. Ware het een echt schatkistje. En denk maar niet dat we alles met Pasen in één keer mochten opeten… Ook dat was aan regels gebonden. Maar het trommeltje had zoete aantrekkingskracht.

Wikkend en wegend stond ik daar op die zolder. Terugdenkend aan weleer. Mijn kindertijd, waaraan ik weinig terugdacht. En ook vaak met gemengde gevoelens. De knoop werd moeizaam doorgehakt: dit ging naar vriendin Brocante. Daar zou iemand het vast nog wel kopen en waarderen. Het groene, zoete geheim. Besluit genomen.

Dierbaar

Maanden later liep ik te snuffelen op vriendin’s Brocante. Een mengeling van oud en nog ouder of zelfs bijna antiek. Ogen te kort. Tot mijn blik viel op iets wat mijn aandacht vasthield: was dat mijn groene, dierbare vastentrommeltje tussen andere trommeltjes… Ongelovig drong het tot mij door, dit trommeltje kon maar voor één iemand bestemd zijn: mijzelf. Deksel open, deksel dicht, ja het was echt de mijne. Ik gunde het niemand anders meer.

Het zachte prijsje van € 2,50 werd snel betaald. En een mooi ereplaatsje op mijn salontafel was snel gevonden. Zo ontstellend eigen – dromen omvattend – en ook nog eens als klap op de vuurpijl, weken later, aanleiding voor een vriend dit te herkennen uit zijn moeders huisraad. Hij herkende precies hetzelfde trommeltje! Dit was mijn onschatbaar geliefde, eigen mooie dierbare herinnering van wie ik eens was. Als kind! Een verlangend kind. Een dierbaar kind.

Klungelen

NB. LET OP: geschreven in Februari 2020! 

Weer zo’n dag. Na weken storm en regen nu een zonnetje, maar straks weer regen. Ik doe heel veel, maar ben aan het klungelen en echt iets tastbaars komt niet uit mijn handen. Oftewel niet uit mijn handen, maar ook niet uit mijn geest.

Weinig afspraken vandaag dus alle tijd voor achterstalligs en eindelijk de kop eraf van mijn nieuwe columns. Na anderhalf jaar niet meer in mijn vingers. Ik bel wat, regel een en ander voor anderen, maar pfoe hé nu pas eindelijk schrijven. Dat wordt klungelen, ik voel het aan mijn vaarwater…

Er is veel gebeurd in die anderhalf jaar. Sinds mijn laatste column. Zeker qua gezondheid. Nu 2/3de rechterlong minder – vanwege kleine tumoren – en een hell-jaar achter de rug. 2019 hebben eega en ik dan ook met een grote rotschop om 0:00 uur met Oud en Nieuw weggetrapt. En we zijn niet eens omgevallen. Nippend aan de heerlijke Spa Groen in champglazen. Mijn favosmaak nu, met citroen. En feestelijke bubbels.

Op de achtergrond de eerste vuurwerkknallen. Wat inmiddels mogelijk laakbaar wordt. Om je voor te schamen. Want tja de tegenstanders komen in de meerderheid. Gezien het aantal slachtoffers en zeker voor de dieren.

Maar zelf ben ik gek op het uitknallen van het jaar. De geesten die daarmee verdreven worden. Al die kleuren. Die steeds fluks veranderen. Ik kwam ogen en oren te kort. De geur is nu wat minder waardoor ik het niet waagde dit jaar buiten te komen.

Oud en Nieuw: alweer enige tijd achter ons. Nu met het aantrekken van het licht opgewekter de dag door. Met de opwaartse stappen richting beteren. Tergend langzaam, dat wel. Maar hoopvol.

Met deze nieuwe schrijfstart vanzelf terugdenkend aan Oud en Nieuw. Want nieuw is het. Dit hernieuwde schrijven. Mijn hernieuwde leven. Mijn nieuwe ogen als het ware.

Jee al met al toch gelukt deze column, al mijmerend! Klungelen… of niet?

Dansen

Gisteren kwamen we op een warm en gezellig feest de zoon van onze dansleraar te spreken. Zelf nu ook alweer dansleraar met pensioen. We kenden hem niet maar er ontstond zo’n geanimeerd gesprek en zoals dat gaat: van het een komt het ander in zo’n gesprek.

De anekdote van onze dansescapades vlak voor ons trouwen heb ik hem verhaald: eega deed noeste pogingen de quick step in zijn benen en lijf te krijgen om een mooie eerste dans te dansen op onze trouwdag. Ook wij wilden daarmee openen.

Dansen, Dirty Dancing finaleWie schetst mijn ontsteltenis dat eenmaal openend eega een wilde eigen dans ten uitvoer ging brengen? Niks tien weken goed geoefende quick step. Verbouwereerd ging ik ook maar over op een wilde dans. Gelukkig niet de opmaat voor een wild later leven. Wel voor onverwachte wendingen.

Dansen

Sinds ik in juni – de vintage filmmaand op televisie – weer Dirty Dancing zag, ben ik verslingerd aan de uitsmijter van deze film. Destijds, ik meen in 1988, al prompt een cursus dirty dancing gevolgd te hebben, waar het hard werken was en zeker geen erotische tussenscènes. De heupbewegingen lijken alleen dienaangaande maar het was vooral hard werken. Waarbij het al heel moeilijk was om als dame de sprong in de armen van je danspartner tot een goed einde te brengen.

“Licht maken” “Je partner kan geen zandzak tillen”. Oef licht maken kan wel degelijk maar is toch flink oefenen. Kon ik dat maar op de weegschaal. En nee de finale sprong in het lied: ‘Time of my life’ waarbij Jennifer Grey alias Baby in de lucht balanceert op de uitgestoken armen en handen van Patrick Swayze alias Johnny hebben we maar niet geoefend. De gewone sprong omhoog lijkt supersimpel, maar doe het ze maar eens na.

Zelfstandige volwassene

Het dansritme, het enthousiasme, de meeslepende bewegingen gelardeerd door Baby’s verliefdheid op Johnny: het is allemaal adembenemend. Om blij en vrolijk te gaan slapen. Maar de extra lading zit in Baby’s vader: langzaam maar zeker ontdooit hij tijdens die finale dans van ze voor wat zijn dochter allemaal presteert. Voor hoe die twee op elkaar ingespeeld zijn en een wervelende show te berde brengen.

Zijn bezwaren tegen Johnny blijken ongegrond en dat geeft hij prachtig weer. Hij maakt hem excuses. En prompt een gigacompliment naar zijn dochter. Baby valt hem in zijn armen en zijn even naar boven kijkende ogen vol pijn en liefde zegt voor mij alles van hoe een vader en dochter prachtig afscheid kunnen nemen van haar kindertijd. De zelfstandige volwassene kunnen begroeten en toch warm contact kunnen houden. Het is zover op 4;40 minuut. En de minuten daarvoor en daarna: smullen! *Klik* 

Dansen: het was mijn lust en leven… Nu uit de tweede hand op film dans ik mee.